Korte lont

Het is weer zover. Al voor de zevende keer dit seizoen en we zijn nog niet eens halfweg de competitie. Het ontslag van Adrie Koster bij Beerschot komt toch ietwat onverwacht, zeker omdat voorzitter Vanoppen vorige week openlijk zijn vertrouwen uitsprak in de Nederlandse coach. Meestal betekent dat echter geen goed nieuws en zo is het deuntje van Koster na zeventien speeldagen bij de Kielse ratten uitgezongen. Die andere mauve ploeg, waar Koster toch altijd zoveel moeite mee had in zijn periode bij Club Brugge, was de beul van dienst. Het vertrouwen bleek dus toch niet zo groot als Vanoppen zichzelf, de pers, de ploeg en bovenal coach Koster liet uitschijnen.

Resultaten bepalen het lot van de trainer. De voorzitters van onze eersteklassers staan daar vaak niet bij stil wanneer ze in de zomer hun huiswerk maken. Elf speeldagen kreeg Ron Jans om met Standard iets aan te vangen. Ook Sollied werd na elf speeldagen ontslagen. Dertien, respectievelijk zestien op drieëndertig behaalden beide coaches. Te weinig voor twee clubs die Play-off I nastreven. Bob Peeters, Georges Leekens, Chris Janssens en Dirk Geeraerd kregen net iets meer respijt van hun oversten. Dat Leekens een compleet ander verhaal is, heeft geen verdere verheldering nodig, maar andere trainers kan weinig verweten worden. Peeters liet Cercle Brugge vorig jaar bij momenten bijzonder leuk voetbal brengen, Janssens liet Lierse een zorgeloos seizoen afhandelen en Geeraerd leidde Waasland-Beveren naar het hoogste niveau. Maar dit seizoen kregen zij hun ploeg niet op de rails. Ontslag volgde na ontslag. Voor de ene voorzitter is de lont net iets korter dan voor de andere.

Het gebeurt zelden dat de voorzitter en/of sportief verantwoordelijke in eigen boezem kijken. Nooit wordt de kwaliteit van de groep in vraag gesteld. Cercle Brugge teert al enkele seizoenen op de ervaring van oude rotten. Iachtchouk, Vidarsson, Cornelis, Evens, Portier… het lijstje 30-plussers lijkt haast oneindig bij de groenzwarten. Geen kat die echter stilstaat bij de ouderdom van bovengenoemde spelers en de mogelijkheid van net dat jaartje te veel. Bij Standard, bij Lierse, bij Waasland-Beveren en nu ook bij Beerschot lijkt het elk jaar weer een duiventil. Tijdens de zomer, en zeker de laatste week van augustus, komen er meer nieuwe spelers bij dan er plaatsen zijn in de kleedkamer. Probeer daar als coach maar eens een ploeg van te maken, wanneer de druk elke week hoger en hoger wordt.

Voor het meest frappante voorbeeld omtrent het uit de weg gaan van verantwoordelijkheid moeten we even teruggaan in de tijd, naar juli 2008.  Ook toen werd Dirk Geeraerd het slachtoffer, ditmaal bij KSV Roeselare. Wim De Coninck werd in april van dat jaar met veel poeha aangekondigd als de nieuwe technisch directeur. Onder hem werden voor het seizoen 2008/9 maar liefst veertien (!) nieuwe spelers aangetrokken. Aan het begin van de competitie, vier maanden na z’n aantreden, stapte De Coninck op – om persoonlijke redenen. Geeraerd werd na een 2 op 27 ontslagen en enkele maanden nadien werd ‘analist’ De Coninck naar zijn mening gevraagd over de heenronde van het nieuwe seizoen. Roeselare en dan vooral Geeraerd kreeg een veeg uit de pan en bovenal werd het transferbeleid in vraag gesteld. De Coninck leek even aan een opstoot van geheugenverlies te lijden.

Maar, zoals eerder gezegd en het is jammer genoeg altijd waar: een trainer valt of staat met de behaalde resultaten. Het is jammer dat die denkwijze niet doorgetrokken wordt naar de spelers. Of nog beter: naar de sportief verantwoordelijke of zelfs de voorzitter. Het is hun (vaak te korte) lont die de carrière van een trainer maakt of kraakt. En niet de groep waarmee zij gedwongen worden mee te werken. Net als u ben ik benieuwd waar de volgende bom zal ontploffen. Een kleine, berekende gok: ten zuiden van de taalgrens en voor kerstmis. Daar waar iedereen het al lang verwachtte, maar het tot nu toe vrij rustig bleef.

Advertenties
Korte lont